Van frustratie naar genot

Frustratie en genot liggen dicht bij elkaar.

Regelmatig krijg ik zin en zie ik meteen voor me hoe het zou zijn. Even heerlijk en ongegeneerd wijdbeens plaatsnemen op tafel terwijl ik alleen een rokje draag. Jesse een mooi uitzicht bezorgen. Even heerlijk mezelf aanraken en hem daarna laten proeven wat hij mist. Ook lijkt het me geil om af en toe gewoon te pakken wat ik wil van hem.

Alleen houdt mijn hoofd nooit rekening met mijn handicap. Daardoor moet ik mezelf telkens weer beseffen dat wat mij zo lekker leek, in het echt niet zomaar kan. Ik zit in een rolstoel. Ik kan niet staan of lopen. Dat besef wakkert mijn frustratie direct aan.

Vroeger wist ik daar nog niet goed mee om te gaan. Het stond mijn zin meteen in de weg. Gedachtes dat ik nooit zou kunnen doen wat ik wilde. Dat ik Jesse nooit zou kunnen verrassen zoals ik dat zou willen. Dat ik hem niet kon verleiden door te bukken in een veel te kort rokje. Waar ik eerst geil was en vol vuur zat, veranderde dat ineens in frustratie en verdriet.

Soms voelde het alsof mijn hoofd het leuk vindt om me te pijnigen. Nooit heb ik kunnen lopen of staan, maar mijn dromen en fantasieën zijn nog altijd zonder beperkingen. Dat is tegelijkertijd heerlijk én frustrerend.

Het erbij moeten neerleggen dat de werkelijkheid anders is. Dat ik nooit de vrouw zou zijn zoals ik die voor Jesse wilde zijn. Dat was hard om te accepteren. Situaties waarin ik mezelf frustreerde en pijnigde probeerde ik daarom steeds vaker te vermijden. Ik wachtte liever af wat Jesse wilde en dacht niet meer na over mijn eigen wensen en fantasieën. Dat werkte prima. Ik had geweldige seks en geen last meer van vervelende gedachten en frustraties. Win-win, zou je denken. Maar zo simpel was het niet.

Doordat ik niet meer fantaseerde uit angst voor die mood-verpestende frustratie, leefde ik niet alleen zelf minder voluit ik onthield Jesse dat deel van mij ook. Wat mij genot bracht. Wat mij wild maakte. Alles wat ik zou willen doen als ik alles kon. Dat was óók een deel van mij. Een deel waar Jesse juist alleen maar geiler van werd.

Ik begon meer te delen en merkte al snel dat mijn angst, dat ik nooit de vrouw voor Jesse zou zijn die ik wilde zijn me juist belemerde om hem de vrouw te geven die hij wilde. Iemand met wie hij alles kon delen. En die ook alles met hem deelde. Ik was bang hem tekort te doen en deed mezelf pijn met die gedachte. Uit zelfbescherming sloot ik een deel van mezelf af en juist daarmee deed ik hem tekort.

Toen dat kwartje viel, besloot ik het anders te doen. Misschien kan ik nog steeds niet op tafel kruipen. Maar ik kan hem wel geil maken met die gedachte. Ik kan Jesse mijn vieze gedachten vertellen. Mijn wildste fantasieën delen en hem meenemen in mijn hoofd.

Dit had een onverwacht effect. We werden allebei opener, geiler. Onze seks werd nog lekkerder. En soms blijken dingen die ik voor onmogelijk hield, toch mogelijk te zijn.

Ja, frustratie staat bij mij nog altijd snel om de hoek. Maar wanneer ik me richt op het genot dat ik de ander geef, krijg ik dat genot vaak dubbel terug. Mijn seksleven is soms misschien een mentale worsteling. Maar inmiddels weet ik dat als ik verder kijk dan de frustratie, genot altijd op mij wacht.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.